Skip to main content

Story

Johan wist het nog goed. Hoe kon hij het ook vergeten. Dagelijks wordt hij nog geconfronteerd met de harde werkelijkheid: zijn onderarm moest geamputeerd worden en hij was blind aan één oog. Het had veel erger kunnen zijn als er geen EHBO’ers in de buurt waren geweest.
Het is nu bijna een jaar geleden dat het gebeurde. Net na de kerst had hij vuurwerk gekregen van een oudere kennis. “Veilig spul”, had hij nog gezegd. Wat voelde hij zich onoverwinnelijk met dat vuurwerk. Toegegeven, de drank hielp daar ook wel aan mee.
En toen ging het vreselijk mis.

Een luide knal. Paniek, Sirenes en toen werd het zwart……….

Johan had er niet veel meer van meegekregen. Het besef kwam pas toen hij in het ziekenhuis lag. Hij was gewond geraakt en moest daarna maanden revalideren.
Het was nog niet eens het zwaarste. Want in de chaos had een stuk vuurwerk ook iemand anders geraakt: Desiré, die een paar meter verderop stond. Johan had gehoord dat EHBO’ers eerste hulp hadden verleend aan hem en aan Desiré. Die EHBO’ers hadden hun levens gered. Later hoorde Johan dat zij een tourniquet om zijn arm hadden gelegd om de bloeding te stelpen. Hij wist er niets meer van.

Maanden later, toen de schrik had plaatsgemaakt voor de stilte, kwam de brief. Deze keer niet van de justitie – hij was nog niet zo lang geleden voorgeleid en heeft nu ook een strafblad – , maar van een verzekeraar. In de brief stond een woord dat Johan niet kende, maar nooit meer zou vergeten: regres.
De kosten die de werkgever van Desiré had gemaakt voor de re-integratie van Desiré werden verhaald op hem. Omdat hij het vuurwerk had afgestoken. Omdat hij verantwoordelijk werd gehouden.

Het is nu stil rond Johan. Zijn vriendin, waarmee hij samenwoonde, heeft hem verlaten. Zij kon niet langer leven met een gehandicapte man. Hoewel de regreszaak uiteindelijk werd geschikt, waardoor hij de kosten gespreid over enkele jaren mag betalen, kon hij door deze extra kosten niet meer in zijn huis blijven wonen. Te duur. Hij woont nu weer bij zijn ouders. Zijn werk als loodgieter kan hij niet meer doen. Zijn werkgever zoekt naar ander passend werk, maar is hem liever vandaag dan morgen kwijt. Zijn vrienden ziet hij niet meer. Ze vinden hem maar een loser.

Rond de jaarwisseling van 2024 naar 2025 werden 1162 slachtoffers met vuurwerkletsel behandeld op huisartsenposten en spoedeisende hulp. In vergelijking met voorgaande jaren kwamen er meer kinderen op de eerste hulp terecht. 37 procent van de mensen die daar medische zorg nodig hadden was in 2025 jonger dan 16 jaar.
Bijna een derde van de slachtoffers had oogletsel en ruim een derde moest behandeld worden aan brandwonden. Zes procent had ook gehoorschade. Opvallend is dat vier op de tien kinderen met letsel niet zelf het vuurwerk afstaken.
Bij bijna een op de tien vuurwerkletsels werd een mortierbom afgestoken – zwaar illegaal vuurwerk dat ook wel een ‘shell’ wordt genoemd.
In mindere mate (4 procent van de gevallen) vonden ongelukken plaats met illegale nitraten In drie procent van de gevallen werden verboden cobra’s afgestoken.

En elk jaar vallen er doden door vuurwerk. Begin november 2025 overleed in Groningen een 25 jarige inwoner van die stad door het afsteken van vuurwerk.

De gevolgen van vuurwerkletsel zijn ernstig. Voor de slachtoffers volgt een langdurig en zeer intensief revalidatietraject, waaronder voor werkenden ook een re-integratietraject. Letsels blijven vaak een leven lang zichtbaar, waardoor het slachtoffer voortdurend geconfronteerd wordt met het ongeval. Veroorzakers van vuurwerkletsel bij derden kunnen voor de revalidatie- en re-integratiekosten aansprakelijk worden gesteld. Dit wordt regres genoemd. Werkgevers kunnen het nettoloon dat zij moeten doorbetalen bij ziekte, de kosten voor het helpen van de werknemer naar de werkvloer en de gemaakte proces- of administratieve kosten verhalen op de dader. Zorgverzekeraars kunnen de ziekenhuis- en revalidatiekosten en de behandelkosten van artsen of fysiotherapeuten verhalen op de dader. Dit gaat voor de veroorzaker flink in de papieren lopen met behoorlijke financiële consequenties voor mogelijk de rest van het leven.

Bij vuurwerkongelukken kun je als eerstehulpverlener met een heel scala aan letsels in aanraking komen: brandwonden, oogletsels, bloedingen, gehoorschade, blastletsels (door druk), afgerukte ledematen, hartstilstand, enzovoort.
In al deze gevallen is snel en adequaat handelen noodzakelijk. Hoe dit moet gebeuren, leer je op een EHBO-cursus. Deze cursussen zijn laagdrempelig en ervaren docenten begeleiden je bij het onder de knie krijgen van de vaardigheden. De kosten voor een cursus zijn niet hoog en worden door de meeste zorgverzekeraars vergoed. Zie hier voor informatie over de vergoeding.
Op de website van EHBO Nederland vindt u ook de bij EHBO Nederland aangesloten verenigingen, waarbij u de opleiding kunt volgen. Er is er vast wel een bij u in de buurt.